De “Sealords” versus de Chef der Equipage (Schipper) MVKV

Ik plaatste onlangs weer een foto van een type vliegtuig wat in het begin van mijn diensttijd bij de Marine Luchtvaartdienst (MLD) diepe indruk op mij maakte, de Seahawk. Ik was nog jong en in als telegrafist in opleiding tot Vliegtuig Onderzeeboot Bestrijder (VOB). In die tijd kon je als VOBer geplaatst worden op Squadrons met diverse type vliegtuigen, zoals de SNB5/TC45J Beechcraf (VSQ-5), S-2-A Grumman Tracker (VSQ-2 en 4) en de SP-2-H Lockheed Neptune (VSQ-320). Deze types heb ik later vele uren “bereden”.

Het vliegtuig de “Seahawk” had echter slechts plaats voor 1 persoon. Een vlieger die alles dus in zijn uppie moest oplossen. Dit alleen in zijn kist natuurlijk. In zijn rol bij onze marine maakte hij deel uit van een verband dat verschillende gezamenlijke doelen had. Mede daarom was hun plaatsing hoofdzakelijk op onze “Karel Doorman”, hiermee automatisch deel uit makend van de organisatie daar van. De taken van de Seahawk konden divers zijn. Daar ga ik nu niet verder op in. Ik ga in gedachten weer terug in de tijd van mijn inlijving bij de MLD.

Het was 1962. Ik zat in opleiding op de Grondschool, liep de kampwacht en dronk ’s avonds een biertje in de cantine, dit tot 2100 uur (Tap Toe). De werktijd toen was 48 uur per week. Ook zaterdagsmorgens werd er gewerkt. Eens in de maand mocht je op vrijdag middag naar huis, zogenaamd “lang weekend”.

Vrijdag middag en/of zaterdag morgen werd er vaak geoefend door een aantal Seahawks. Zij hadden een stunt team met de naam “Sea Lords”. Na het oefenen op hoogte werd bijna altijd speciaal voor ons belangstellenden een spectaculair schouwspel gepresenteerd.

Zij draaiden al hun loopings, rolls en hoe het verder mocht heten welke diepe indruk op mij maakten. Na dit kwam echter het echte klapstuk. Ze vlogen zeer laag tussen hangaar 1 en 2 door. Zo laag, dat ze voor het hek langs de wetering iets moesten liften. Het was duizeling wekkend en oorverdovend, elke keer weer.

Op een dag besloot de verse (nieuwe) Chef der Equipage (schipper) van het Kamp ook een kijkje te gaan nemen bij deze happening. Hij was op de dienstfiets, te herkennen aan de rood wit blauwe rand. Hij was een beetje laat, vermoedlijk had hij tegenwind gehad.
Daar het voor de eerste keer aanwezig was, kwam hij zeer dicht bij de doorgang tussen de hangaars. Zijn aankomst aldaar viel samen met de passage van een Seahawk ongeveer op de hoogte van zijn fietsbel. Hij verloor de macht over het stuur en belandde gedeeltelijk in een daar aanwezige sloot.
Grote hilariteit. Zijn pet werd na afloop van het spektakel opgevist.

De Sealords boven Scheveningen

Seahawk nummer 50

Seahawk met Sidewinder

Aankomst in NNG met Hrms Karel Doorman. Samen met S-55

De mannen op hun raspaardje

IJzeren mannen met hun zoals ik al zei, raspaardjes.

De Mustang

Ik schrijf 8 augustus 1988. Jolanda en ik kwamen ondanks veel strubbelingen, die ik u zal besparen, officieel in het bezit van een woonboot gelegen achter de benzinepomp Jongeneel. Voor die tijd woonde ik sinds lange tijd in Katwijk, mede door mijn werk op MVKValkenburg. Ik diende van 1960 tot 1993 bij de Koninklijke Marine, waar ik nog steeds geen spijt van heb.
Het was altijd mijn grote wens om op en bij het water te wonen. Waarschijnlijk onbewust door mijn geboorte, en opgroeien aan de rand van de Biesbosch.

Eenmaal gesetteld op mijn locatie, was ik de koning te rijk. Mooie woonboot, tuin van twaalf bij twaalf op het zuiden, maar ook aan de andere kant een uitzicht over een groot grondgebied wat toen in het begin werd gebruikt voor het verbouwen van boerenkool. Ik heb af en toe wel een struikje verschalkt. Dit met medeweten van de eigenaar trouwens, die zat er niet mee. Een mooi verschijnsel was, wanneer het land was omgeploegd, er soms ik denk twee honderd snippen verdwenen tussen de ploeg voren en zelfs met een verre kijker zeer moeilijk te spotten waren. Ik denk daar nog wel eens weemoedig aan terug. “Let wel, twee honderd snippen”.

Ik hoopte vanaf het begin dat mijn uitzicht aan de waterkant eeuwig zou blijven, maar was er me van bewust dat dit een eutopie zou zijn. Een toenmalig Gemeente Secretaris, waar ik goed mee op kon schieten, zei eens : “Het is een zeer strategisch stukje grond Jan, maak je geen illusies”. Dat maakte mij zeer waakzaam.

Op een morgen keek ik over het land en zag een paar honderd meter verder op, waar het land begrensd werd door kassen, bedrijvigheid. De schrik sloeg me om het hart, zou de Secretaris nu al gelijk hebben? Ik besloot mijn nieuwsgierigheid te bevredigen en ging kijken. Ik moest omlopen en kwam tussen de kassen door op de plek waar het gaande was.

Er was een soort “Dragline” graafmachine aan het werk omringd door bezige mannen met ik dacht donkere kleding met witte letters op hun rug. Zij groeven op een plek een beetje tussen de sloot en het land. Zij vertelden mij dat ze een Mustang aan het opgraven waren. Er waren al verschillende wrakstuk(jes) gevonden. In de omgeving nam ik enkele zware mitailleurs kaliber .50 waar. Er waren nog meer stukjes die mij niet zo boeiden, maar er was wel een ding dat erg mijn aandacht trok. Het was een rand waar de cockpit mee was gekoppeld aan de romp. Er waren diverse rondjes met hakenkruizen op geschilderd. De mannen zeiden dat het vertelde over de overwinningen van de kist op de toenmalige Duitse vijand. Dit had ik zelf ook al bedacht. Er lagen vele patroonbanden met de .50 projectielen. Ook lagen er enkele losse patronen. In een onbewaakt ogenblik heb ik toen een vijftal van die dingen opgeraapt en in mijn zakken gedaan. Er was hard gewerkt, morgen was er weer een dag.

De volgende dag was ik er ook weer. Ik bemerkte enige onrust bij de graaf mannen over de verblijfplaats van de cockpit rand maar dat kwam goed. De operatie “Merlin” was begonnen. De voorstuwingsmachine van de Mustang, de Packard, zat nog steeds in de grond. De graaf machine waarmee was geopereerd was een eenvoudige dragline. Die had gegraven tot maximale diepte.
Er bleef een kuil van een paar meter diep over waarin de motor, afgedekt door zwarte olie, nog aanwezig was. Men maakte een soort stalen lus tussen de motor en de Machine. Toen werd gepoogd om de motor uit de grond te takelen, viel de machine iets voorover. Op tijd gestopt, anders hij er naast gelegen. Daarna was het einde oefening. Het werd gedicht, hoe weet ik niet, ik was al naar huis.

Later in de tijd werd aangevangen met de bebouwing van het Duyfrak. Ik vervoegde mij bij de uitvoerder van de maatschappij en wees hem op de aanwezigheid van een motor met of zonder olie onder een van zijn te bouwen huizen. Geen probleem. Op Valkenburg komen er meer zei hij. Roger.

Ik las ook nog dat de toenmalige burgemeester, wel of niet aangestuurd door de pers, mede verklaarde dat de opgraving van CRASH illegaal was geweest. Er werd gesuggereerd dat de gevonden .50 mitrailleurs met een poetsdoek en een beetje olie weer ingezet zouden kunnen worden. De wapens die ik heb gezien, waren echter zo ernstig vervormd dat je er mee om een hoek kon schieten. Misschien een gat in de markt.

Ik had de geleende .50 patronen opgepoetst in mijn vensterbank staan. Tot een collega op het Vliegkamp mij vertelde dat het kruit in zo een patroon onstabiel kan worden. Ik heb ze toen laten verdwijnen.

Er was een meneer van de Gemeente Katwijk die enige tijd daarna bij mij was voor een heel andere zaak. Ik vertelde hem over de .50 patronen die ik had verzameld. Hij zei: “O was u dat. U doet meer dingen die eigenlijk niet mogen meneer Vroege”. Ik zou niet weten wat en hoe hij het wist.

De Mustang (met tekst)

Surinam Airways (long time ago)

Long time ago …

In de zeventiger jaren kwamen veel van deze, voor mij prachtige, zuigerkisten op Hato (Curaçao). Vanuit verschillende landen in de Carib kwamen vele types met voor ons onbekende lading langs. Het onderhoud van hen ging steeds door, ook bij ons. Er werd constant aan de motoren gesleuteld. Onder de motoren stonden grote olie lekbakken. Onder diverse power settings werden soms take-off’s gemaakt. Bijvoorbeeld, een van de vier motoren vlak voor de start opgestart en gebruikt, eenmaal op snelheid en los ging hij weer af, kwam af en toe voor.

Old soldiers …

Vond een foto uit de begintijd van de Orion, We vlogen toen nog met een Konstabel. Op deze foto Leen Pronk. Links van hem Joep Weijers, Toon Steeman en mijn persoontje. De enige foto die ik heb van Toon. Een heel fijne collega. Helaas veel te vroeg overleden.

Ontspannen tijdens de transit. Bakkie en Klaverjassen. Dit uiteraard vóór of na een spannende vlucht. We bleven echter scherp.

De 205 met mondkapje

Misschien al eerder geplaatst. 205 met mondkapje. Voor hen die hem nog niet kenden.

Mooi he? Kreeg onder andere als commentaar van vervorming van de motorgondel achter de cowlflap. Na diverse oplossingen ging ik voor afzetting door de rook van de uitlaten.

The Bridge

Bladerde wat. Was lang geleden met Jolanda in Thailand. We waren samen op eigen gelegenheid bij “de brug” en alle indrukwekkende dingen er omheen. We waren ook op het grote graf veld. Er waren toen een aantal Japanners die bij een monument als spijt betuiging een bijna eindeloze lijst met namen van alle slachtoffers van de ramp in die regio een voor een luid opriepen. Dat waren er duizenden en zij deden er dan ook enkele dagen over om die lijst af te werken.Ze vroegen aan buitenlandse bezoekers, waar zij vandaan kwamen. Ik antwoordde toen, uit Nederland. Ik werd naar voren geroepen om een aantal namen van Nederlandse slachtoffers hardop in mijn taal voor te lezen Dat deed ik. Ik kende deze mannen achter de namen niet, maar het maakte toen en nu ik deze foto weer zie heel veel indruk.Er zaten er misschien wel tussen van de Koninklijke Marine en de Marine Luchtvaartdienst. Ik weet het niet meer, maar al was het er maar een, ik zou trots zijn.

Jolanda op de brug, nest spannend
De indrukwekkende ceremonie