En de warme douche was voor ….. Hennie

We waren in de zeventiger jaren op een tour naar IJsland met de Neptune. De type onderzeeboten die daar rondhingen vangen was toen met onze kisten, eigenlijk te hoog gegrepen. Daarom werden wij meestal werden ingezet op oppervlakte doelen, indien aanwezig, of het in kaart brengen van de ijskap. Met de nadruk op de grenzen van het tijdelijke ijs. Dat was er toen nog in ruime mate.
We hadden accommodatie in de zogenaamde NATO Baracks, een soort gebouw met redelijke kamers en bijbehorende faciliteiten. Zo waren er goede douches, een keuken waar wij naar harte lust konden koken en braden en een recreatie kamer met comfortabel meubilair en een snooker tafel. Het gebouw had twee verdiepingen. Boven 1 persoons en beneden 2 persoonskamers. Boven de officieren en beneden de rest van de bemanning. Al met al een zeer redelijke huisvesting.
Tegen over de barak was de “Windbreaker”. Een soort Bar/Restaurant waar het je aan niets ontbrak, dit tegen zeer schappelijke prijzen. De loopafstand was enkele tientallen meters die, ondanks eventuele gladheid of een andere oorzaak die het rechte pad beïnvloedde, toch bijna altijd zonder kleerscheuren overbrugd kon worden.
Iets heel anders. Er was echter een ding waar mee terdege rekening gehouden moest worden. Dat was tijdens het douchen. Je moest er zeer alert op zijn wanneer er ergens een toilet werd doorgetrokken. De druk van het koude water viel dan even weg dus je moest je snel buiten de straal manoeuvreren.
Hoe verder weg de wc werd gebruikt, hoe minder de druk afnam, dus ook hoe minder heet de resterende straal was. Dichtbij kon killing zijn.
Daar de roestvrij stalen douche cabines van geringe afmetingen waren, was de enige echte ontsnappings mogelijkheid om snel via de enige opening naar buiten te stappen. Daarom moest je dan ook met je voorzijde in de richting van deze opening douchen. Daar waren wij door schade en schande achter gekomen. Deed je dat niet dan kon je te laat zijn.
Tijdens deze tour besloot onze collega Hennie Starink na een vlucht een verkwikkende douche te nemen. Toen hij er onder stond werd er onder een biertje een zéér gemeen plan gesmeed. We zouden elk naar het toilet op onze kamer gaan en te gelijkertijd doortrekken. Aldus geschiedde.
Het resultaat overtrof onze verwachtingen. We hoorden een gebonk en geschreeuw als van een Orang Oetang die uit zijn kooi probeerde te ontsnappen. Hij had vermoedelijk laat de goede ontsnappings richting genomen.
We hebben hem nooit verteld wat wij uitgege(vre)ten hadden.

De Killer

De patrijspoort

Het was aan boord van mijn geliefde Karel Doorman. We hadden een sortie met
enkele kisten gevlogen en kwamen uiteraard weer op landen. Er stond niet veel
wind, maar wel een stevige deining. Theo Jansen zat achter het stuurwiel.
Het was wat later in de middag, misschien een uur of half zeven.
We draaiden op finals en kregen, omdat er weinig wind stond, een “Blue Water
Cut”. Dat wilt zeggen dat het gas verder voor de ramp van het schip werd dicht
getrokken dan bij meer wind waarbij dit soms bijna boven dek gebeurde. Door
de weinig wind die er stond moest de Doorman harder varen maar er stond toch
minder wind over dek dan normaal, wat de landingssnelheid ten opzichte van
het dek groter maakte.

Wij hadden een normale nadering, maar op het einde van deze, nam het achterschip een diepe duik. Wij hadden echter de “CUT” van de LSO gekregen, hetgeen betekende dat het gas dicht moest en we vrij snel hoogte zouden verliezen om de kabels te pakken. Hier moest altijd gevolg aan gegeven worden, want “CUT is CUT!!” We zeilden echter over de kabels heen. Op het zelfde moment kwam het achterschip snel omhoog. We raakten het dek met een enorme dreun. Ik heb nog bewondering voor het landingsgestel van de Stoef. Misschien dankzij hun enorme kracht raakte geen propeller het dek. We stuiterden een stuk omhoog en vlogen weer heel even. Theo hoefde alleen maar gas te geven en we vlogen door. De daar op volgende landing was normaal.

Na de landing werden we door verschillende mensen benaderd die ook onder de indruk waren van de klap. Ook de ziekenboeg was aanwezig en verzocht ons om ons door hun te laten onderzoeken. Daar zagen wij van af en zagen meer in een biertje om onze schrik te boven te komen. Het was al een beetje later dus de verblijven waren open. Dat was toen zo.

Het vliegtuig werd in de komende dagen geheel gechecked, zeker het landingsgestel. De banden werden vervangen. Ik hoorde dat er ook een “Cateye”, een reflector in het vliegdek, was los gekomen , ik denk dat dit een sterk verhaal was. Elke landing werd gefilmd. Deze is vele malen door velen bekeken.

Wij als korporaal telegrafist of nog lager in rang, liepen buiten ons vliegprogramma ook een soort wacht. Een van onze taken was “Ordonnans”.
We moesten dan de voor de MLD bestemde berichten op het grote verbindingscentrum van de Doorman halen. Je voorzag ze dan van een zgn distributie stempeltje en liet ze tekenen door de verantwoordelijke autoriteiten. Deze mannen officieren zaten allen in moot 6*.

Op de dag van deze landing was ik ordonnans. Omdat we wat later kwamen
landen, was ik er van uit gegaan dat een van mijn collega’s die niet
vloog, het voor me zou hebben waar genomen.
Niets was echter minder waar. Ze zaten te kaarten en op mijn vraag of
het al klaar was gaven ze een negatief antwoord. Ik zei dat ik hen enorme
lullo’s vond, maar dat maakte niet de minste indruk. Wacht is wacht.
Ik stond een beetje op mijn “CUT”, nam snel een paar biertjes en ging
naar de berichten.

Uiteindelijk kwam ik met mijn plankje met berichten achteruit in moot 6.
Ik liet verschillende mannen lezen en tekenen. Op een moment kwam ik bij
LTZ1 van Zuidam. Hij was van VSQ2. Je kon hun kisten herkennen aan de
blauwe spinners en de V op de staart.
Hij had een hut die een beetje moeilijk in elkaar zat. Zijn deur naar
de gang stond open en er hing een donker groen gordijn voor. Aan de
linkerkant was zijn garderobe, ook afgedekt door een groen gordijn. Aan
het einde van zijn hut was een soort verhoogde kooi (bed) met laden er
onder. Daar boven was een kleine patrijspoort.

Toen hij de berichten tekende, klonk opeens over de scheepsomroep: “De
sluit toestand wordt X, de sluit toestand wordt X”. (Alle waterdichte
deuren en luiken kunnen geopend worden.)
Hij keek op en zei “Kan je mijn patrijspoort even open doen Vroege?”.
Ik was nog steeds in vliegpak en probeerde deze knevels te openen. Dit
lukte niet, ik kon er niet goed bij dus ik klom op zijn kooi. Het ging
moeilijk tot zeer moeilijk, de knevels zaten muurvast. Ik veranderde
steeds van houding om het toch voor elkaar te krijgen. De grote vlieg
schoenen waren er denk ik mede verantwoordelijk voor dat ik van zijn
bedje een niet te beschrijven puinhoop maakte. De enkele biertjes hadden
misschien ook meer impact dan gedacht.

Uiteindelijk stond van Zuidam op en draaide met weinig moeite de
patrijspoort open. Ik zag dat hij grote handen had. Ik nam het plankje
met berichten van hem in ontvangst. Helaas trachtte ik zijn hut via het
groene gordijn van de garderobe te verlaten. Ik herstelde mij bliksem
snel, maar het was hem niet ontgaan.
“Neem er nog een, Vroege!”.
“CUT is CUT.”

* De Doorman was verdeeld in 6 waterdichte zogenaamde moten. De achterste was moot 6. Daar waren onder andere de hutten en het verblijf (longroom) van de officieren.

Landing Stoef op Karel Doorman.

De bewuste patrijspoort met onderzeebootjager in zicht.

De “Master LSO” LTZ (Sam) van der Heijden.

Mooi gelijk een Zwaan. Net voor mijn tijd, jammer

De Koninklijke Marine heeft over vele prachtige vliegtuigen beschikking gehad. Een van de mooiste vind ik persoonlijk de Catalina. Toen ik in dienst kwam was hij niet meer operationeel. Wel heb ik er vele oud collega’s als leden van een club enthousiaste medewerkers mee zien vliegen. Helaas is dit door ik dacht financiële moeilijkheden onlangs tot een einde gekomen.

Wat een beauty!!

Vrije navigatie met de Beech

Nu ik toch even ben begonnen over mijn tijd als telegrafist bij VSQ5, heb ik nog wel enkele anekdotetjes.
De hoofd taak van ons gezellige squadron was het opleiden van jonge telegrafisten en waarnemers, met de bedoeling om hen te leren omgaan met de eerste beginselen van communicatie en navigatie in de luchtvaart. Zoals gebruikt zo wel in het burger bedrijf als in het militaire. Daarbuiten werden ook vele vlieguren besteed aan het vaardig houden van de bemanningen van het squadron zelf.
Dit bestond hoofdzakelijk uit over landjes en het handhaven van de vliegvaardigheid van de piloten door diverse verplichte oefeningen.
Tijdens deze oefeningen werd altijd wel enige tijd gevonden om de hoogtemeter te controleren. Dit door deze te vergelijken met de hoogte van de rietstengels van de pas aangelegde Flevo polder. Ook familieleden in een niet al te druk gebied werden bezocht met een low-pass. De lucht verkeersleiding in die tijd had natuurlijk nog niet de middelen ter controle als heden.
Op een dag hadden wij tijdens zo een vrije lage wandeling echt geen idee waar wij ons bevonden. Het was echter wel tijd om onze positie door te geven aan Stove Pipe de officiële verkeersleiding.
Gelukkig vonden wij snel een kleine (enkele) spoorlijn. Het was een beetje dun bevolkt gebied dus we besloten het te volgen. Al snel was er een klein stationnetje, we gingen kijken.
Flaps uit, wielen uit, langzaam maar zeker vlogen wij richting ons navigatie punt. Vele ogen keken naar het naambord wat daar aanwezig was. Enkele passagiers die zich op het perronnetje bevonden zullen wel raar hebben opgekeken. We kwamen er uit en klommen naar opgegeven hoogte om onze positie door te geven.
Stove Pipe bevestigde ons bericht en wij gingen verder met onze wel of niet op gegeven opdrachten. Gaaaafff!!!

Beechcraft TC-45-J. Daar voor SNB-5

Hijsen met de S-55 en Jan Albers

Toen ik geslaagd was voor mijn opleiding tot Vliegtuig Onderzeeboot Bestrijder (VOB) werd ik tot mijn lichte teleurstelling geplaatst bij VSQ 5. Ik had als jeugdig lucht varende gedaan naar een plaatsing bij VSQ4 op de Doorman. Nog effe geduld dus.
Bij VSQ5 vlogen wij met de SNB-5, later TC-45-J en de Sikorsky S-55 “Salomé. Ik heb daar een niet verwachte prachtige en avontuurlijke tijd gehad.
Ik werd als jongeling vaak aan gewezen om met de S-55 als hijs object de dienen voor onze jonge hoist operator VGMRA Jopie Bambacht. Ook andere vliegende bemanningsleden waren soms het haasje.
Op een dag was het weer zo ver. We moesten ons die keer gedragen alsof we bewusteloos waren. Dat was voor ons moeilijk voor te stellen, maar een van ons, sergeant vlieger Jan Albers, was een keer gecrashed met een Avenger en had enige ervaring.
Ik werd als eerste gehesen, na mij kwam Jan. Hij was groot en gespierd, dus woog wel wat. Toen hij voor de heli hing had Jopie best wat moeite om hem naar binnen te trekken. Jan hield zich inderdaad helemaal slap. Jopie vierde een aardig eindje kabel om het zich makkelijker te maken. Toen hij even de controle verloor, liet Jan zich voor over naar buiten vallen.Op ongeveer anderhalve meter of iets meer onder de kist kwam hij met een ruk weer goed in de sling te hangen.
Ik voelde een schok door de kist gaan, zo deed ook onze vlieger de Ltzvk Christ. Hij riep met luide stem naar achteren:

“Viel er iets?”

We moesten er wel om lachen. Zelfs als ik er nu aan denk.

Echelon Port (2)

Van de week, 19 mei 2020, maakte ik na het avond eten nog even een rondje Valkenburgse Meer. Ik was niet de enige want vele mensen, van diverse leeftijden trouwens, maakten een rondje in een tempo dat een stuk hoger lag dan dat van mij. Ik denk, dat velen van hen dit deden in verband met de tegenwoordige dreiging van het C-virus. Een zeer goed plan met het echter minder aangename gevolg dat vele vogels die in deze tijd hun eitjes en kinderen verzorgen, deze bezigheden meer verborgen in de rietvelden en bossaches verrichten. Waarschijnlijk hanteren zij een ruimere afstand van ons dan de anderhalve meter die wij onderling in acht nemen. Een klein brein wilt niet zeggen dat je minder kunt denken. Ik merk dit vaak aan Femke, mijn tekkeltje, die al weet wat ik wil als ik haar aankijk. Hetgeen zeker niet betekent dat hij dit dan tevens in gedachten heeft.
Ook de dagen voor deze, eerder genoemde datum, nam ik aanzienlijk minder bewegingen waar van onze gevederde vrienden. Dit zette mij aan het denken.
Tijdens de laatste trip naar Indonesië kwam ik met mijn vriend Alit te praat over de uitbarsting van de Gunung Agung, de vulkaan die ik goed ken, in 2017. Hij vertelde mij dat een dag voor de uitbarsting er bijna geen vogeltje of andere, normaal makkelijk waargenomen dieren, te zien waren.
Ik ga in de nabije toekomst dan ook mede een deel van mijn (behoedzaam) gedrag mede laten bepalen door dat van van onze vrienden in de natuur.
Natuurlijk zal ik mij daarbuiten als voormalig goed militair in principe niet onttrekken aan orders of aanradingen van hogerhand.

Zij waren ook op “Patrol”.

Kantje (aan) boord

Het is 28 januari 2020, we vertrekken met Singapore Airlines naar Bali voor een vakantie naar Bali voor 8 weken. Ik heb een visum voor 60 dagen. Jolanda wilt dat we die allen gebruiken, maar ik hou liever wat speling voor het geval bij vertrek iets gebeurt wat vertraging oplevert. Als je over de datum gaat, zit je in de moeilijkheden. Dat doe ik dus.

We hebben in onze accommodatie geen Televisie en ook geen WIFI. Dat laatste laat ik op eigen kosten aanleggen om het contact met de buitenwereld toch enigszins te behouden.
We hebben een heerlijke tijd, de berichten over het Virus beginnen echter toch binnen te sijpelen. Bali is nog virus vrij maar in Nederland gaat het snel minder. Ik overweeg om een maandje langer te blijven. Hiervoor moet ik mijn visum verlengen. Een goede kennis regelt dit voor me en brengt mijn paspoorten naar Denpasar, waar dit in een dag of vier vijf geregeld kan worden. De afstand tussen mijn stee en het kantoor is ongeveer 3 uur rijden. Terug natuurlijk ook. Mijn hulp komt terug met de mededeling dat er nog veel meer zijn die willen verlengen, waardoor de tijd wanneer ik mijn paspoorten terug krijg behoorlijk op kan lopen.

Ook op Bali steekt het virus echter ook de kop op. Buitenlandse Zaken geeft het advies om naar Nederland terug te keren omdat de medische voorzieningen in Indonesië niet zo zijn als in Nederland.

Ik besluit naar huis te gaan. We sloffen, we weten de paspoorten in het weekend twee dagen voor vertrek weer te bemachtigen. We checken op het vliegveld of de vlucht nog gaat en gaan naar huis om onze terug reis voor te bereiden.

Op de dag van vertrek zorgen we er voor om ruim op tijd op het vliegveld te zijn. Na een lange wachttijd staan we bij de bali om in te checken. Daar krijgen we een verhaaltje van een zeer slecht Engels sprekende jonge dame , mij toegesproken door een mondkapje. Ik distilleer tot mijn grote schrik dat we niet verder dan Singapore komen omdat deze enclave op slot zit.

Ik besluit niet terug naar ons huis te gaan maar zoek een oud bekend hotel vlak bij het vliegveld. “Palm Beach”‘. Dit om bij een zich voor plotseling voordoende gelegenheid te kunnen “vluchten”.
Mijn visum tikt echter ook door. Er is geen kans om het speciaal snel te verlengen omdat op Bali eens per jaar een speciale dag is waarop je niet naar buiten mag en zelfs niet wordt gevlogen. De dag er voor en er na kun je ook nergens zaken doen. Zelfs de banken en zijn dicht.

In het hotel zitten we met nog 3 Nederlandse stellen. Twee zitten er in het zelfde schuitje als wij en een er van vliegt naar huis met Garuda, wat nog steeds vliegt op Amsterdam. Ik heb echter via verschillende vrienden een site gekregen over een speciale reddingsoperatie door onder andere Buza. Ik meld me aan en zal binnen 72 uur bericht krijgen. Mijn visum tikt nog steeds door.

Na 60 uur heb ik nog steeds geen bericht van Buza en begin nu echt een beetje van het pad te raken en het plannen en rekenen beginnen voor mij moeilijk te worden. Slapen doe ik sporadisch. Het visum telt door.

De vrienden die met Garuda terug gaan adviseren mij dit ook te doen. Ik kan mezelf voor een bepaald lichaamsdeel slaan dat ik daar niet eerder aan gedacht heb, teveel geconcentreerd op onze escape via de KLM uit Nederland en niet helemaal honderd procent on line in mijn kepala.

Ik spoed me direct naar het bureau van Garuda. Ik ben snel aan de beurt. Er is de volgende dag plaats, de dag dat mijn visum verloopt. Gelukkig heb ik mijn creditcard bij me waar 2500 euro op staat. Deze prijs moet ik toevallig ook precies betalen. Als het meer had geweest had ik pech gehad.

Ik ben blij met onze tickets, maar door al het voorgaande vertrouw ik het pas als ik in het vliegtuig van Jakarta naar Amsterdam zal zitten. De vlucht bestaat uit twee delen. Denpasar – Jakarta en Jakarta-Amsterdam. We komen aan boord in Denpasar en vliegen naar Jakarta. Daar moeten we nog langs immigratie. Een norse man in een mooi uniform checkt onze paspoorten. Hij doet er langer over dan bij de meesten. Ik zie hem tellen en nog een keer. Ik zie aan zijn gezicht dat hij mij niet heeft kunnen pakken. Met grote kracht zet hij een stempel in onze documenten.

Wij gaan naar de gate en tellen de minuutjes af. We starten op tijd om 23.35 uur. We klimmen en levelen om 24.00 af op 30.000 voet. On our way, mijn visum verloopt op het zelfde moment. Nog 14 uurtjes, en we zijn thuis.

Ik zal de Agung missen.

Een van onze redders in nood in deze moeilijke tijden samen met zijn broer Nyoman.

Guning neemt afscheid met een sterk rooksignaal

Mooie sunset in Bali met speciale wolken, 13-03-20

Vanavond weer een prachtige waarneming tegen zonsondergang. Boven de stijgende regen/onweer wollen werd enige tijd een regenboog achtige wolk op grote hoogte zichtbaar. Waarschijnlijk vanuit de stratosfeer zorgde hij voor een prachtig schouwspel. Foto 2 duidt misschien op een ander fenomeen waar ik als leek niets van weet. Gerrit Kruis weet het zeker. Moet wel heel koud zijn daar boven heb ik van hem begrepen.

Speciale wolk bonen CB

Ook mooi. Moet nog horen wat dit precies is.

Once in a lifetime. Lucky single shot birds and snake 11-03-20

Vanmiddag even met Lisa langs de kali. Het werd een bijzondere wandeling:
1. Er zat een zangkoortje van 3 bijeneters in mijn favoriete boom in de sawah’s. Zij werden begeleid op de drums door een specht.

Ik kwam voorbij mijn favoriete boom. Er gebeurde iets onwerkelijks. 3 Blauwstaart Bijeneters en een Specht streken neer. voor een zeer kort moment. Lucky single shot.

2. Vlak bij huis werd mijn pad versperd door een slang. Ik denk dat hij ongeveer 120 cm lang was. Hij zat met zijn kop in een gat en ging daar langzaam mee heen en weer. Ik dacht dat hij iets aan het eten was. Ik realiseerde me dat hij mij dan niet kon bijten, maar nam het zekere voor het onzekere en liep niet verder. Ik maakte toen maar een paar foto’s. Lisa de hond liep los, die had het niet in de gaten dus ik moest hem ook afremmen. Druk, druk.

de slang met de kop in een gat.

De slang kwam tevoorschijn en ik zag dat hij inderdaad een flinke kikker aan het verorberen was.

slangng komt tevoorchijn

Hij ging er vandoor, richting kali

Gaat er vandoor

Maakte een close up, flinke kikker trouwens

Close up flinke kikker

Hij ging Er vandoor in de kali

Modern vlindertje Bali 07-03-20

Voor het boodschappen doen ontdekte ik nog een minuscuul vlindertje. Hij had twee horizontale vleugels en twee iets schuin geplaatste kielvlakken. Deze bouw is afgekeken door de moderne vliegtuig industrie en wordt toegepast bij bijna alle nieuw ontworpen fighters. Achter hem zat nog een kleine, vermoedelijk Chinese spionage drone van 5 mm met op de rug een stervormige sensor.

Modern vlindertje met drone