De verteller

Als jongeling van 15, was ik werkzaam als telegram besteller bij de PTT. Dit geschiedde met een Solex. Een soort dikke fiets voort gedreven door een kleine motor waarvan een soort slijpsteen de voorband rond deed draaien. Die versleten dan ook snel, de voorbanden dus.
Ik kwam in aanraking met een leeftijds genoot die zijn tijd vooruit was.
Hij verkocht voorbehoedsmiddelen en voor een dubbeltje A4 tjes met erotische verhalen die hij zelf had geschreven. Hij heette Joop Wilhelmus.
Ik vond hem een griezel wat al snel ontaardde in een confrontatie en een knokpartij.
Ik kwam zelf ook niet geheel ongeschonden uit de strijd, maar mocht het genoegen smaken om een tijdje naar zijn blauwe oog te mogen kijken.
Hij was jaren later een van de eersten die met “vieze boekjes” kwam. Het was de Chick, de tegenhanger van de Candy. Dit in de jaren zeventig. Hij werd extreem rijk.Tot zover het voorwoord.

In die zelfde tijd maakten wij onze detacheringen met de Neptune naar Curaçao en hadden ook wat oefeningen wat verder weg. Bij beiden was er vaak een lange transit tijd.
Tijdens deze, na dat alle apparatuur was gechecked, verpoosden de bemanning leden die niet echt met de voortstuwing, navigatie of communicatie bezig waren, zich met lezen, dom kijken of “wat dan ook”. Bij dit laatste kwam soms onze Joop weer even om de hoek kijken.

Als alles naar behoren werkte kwam er een soort serene rust over de bemanning. De vliegers bladerden in diverse berichten en boekjes, de meccano’s gingen in hun karakteristieke houding met hun schouder tegen de linker post. Met tussenpozen checkten zij de bougies op de analyzer, rommelden wat aan het gas en aan het mengsel.
Zij zorgden voor een niet te evenaren mooi geluid van twee grote stampers in synchronisatie. En voor zuinig verbruik. Hetgeen hij noteerde in zijm “How goes it” Een kromme die hij bijhield op een formulier.
De waarnemer rommelde met potlood en passer op zijn plot en zorgde voor het bijhouden van de positie. Of die juist was was sterk afhankelijk van de juiste gegevens van de navigatie middelen op grote afstand van hun bron van uitzending.
Drift meten en zonnetje schieten waren er twee die echt juist waren. De telegrafist luisterde ondertussen op zij kakelende HF radio.

Zoals u misschien wel begrijpt was dit op dat moment een rustig bedrijf. Ook enkelen deden niets anders dan een beetje dom kijken.
Om dit alles een beetje op te vrolijken was er een konstabel die zijn eigen manier had ons een beetje bij de les te houden. Hij las dan voor “Uit eigen werk”‘.
Hij deed dit over de Intercom. Deze had een speciale stand SELECT. Die werd gebruikt wanneer men met elkaar wilde praten, wel of niet operationeel, om de Intercom te ontlasten.

Onze verteller begon zijn verhaal met: “Ik ga voorlezen uit eigen werk op SELECT”.
Velen van ons wisten wat er kwam, dus je was vrij om mee te gaan of niet.
Ik zag soms toch vele handjes naar de Intercom Box gaan.
Hij begon standaard met een vrij heftig verhaal uit de Shick of de Candy. Hij vulde dit aan met eigen opmerkingen van zijn bijzondere humor en het geheel werd compleet door zijn muzikale Haags accent. Hij deed de tranen bij velen van ons over de wangen biggelen.
Nooit gedacht ik nog om een verhaal van Joop Wilhelmus zou lachen.

Na dat we uit gelachen waren gingen we er voor, maar dat is een ander verhaal.

203 in start of landing. flaps op 1/3 of 2/3 en wielen gaan net in of uit. Wie het weet van start of landing mag het zeggen.

Arrestatie in Tirol

Zoals wellicht velen heb ik genoten van de sneeuw van de afgelopen dagen. Ik kon dat omdat ik een dagje ouder ben en er op dat moment geen noodzaak was om me in dit natuur geweld te mengen.
Ik ging, bijna onbewust, toch weer terug in de tijd. Zoals ik al zei, ik had toch niets anders te doen.
Ik heb vele jaren op de lange latten gestaan. Door overschatting van mijn kundigheid en tevens overmoed, ben ik een aantal malen afgestraft. Dit met soms zeer pijnlijke gevolgen.

Wij skieden meestal in het Pustertal gelegen in Oost Tirol. Het plaatsje heette Sillian,
vlak bij de Italiaanse grens gelegen. Ik stortte een keer af en kon bij het opstaan mijn linker arm niet meer gebruiken. Op de slee naar de ambulance en toen naar het plaatsje Innichen vervoerd. Daar was een ziekenhuis waar een tordatie werd vastgesteld.
Je sleutelbeen breekt dan niet, maar schiet van je schouderblad af, of zo iets. Pijnlijk.
Innichen lag in Italië. Niet belangrijk maar ik kom er op terug.

Het prachtige stadje Innichen. Is trouwens ook Oostenrijks geweest.

Een drie of viertal jaren geleden was ik weer aan het glijden in Sillian. Op een dag sneeuwde het stevig. Daar ik mijn blessures allen met slecht zicht had op gelopen, besloot ik te gaan wandelen.
Ik koos voor een schitterend pad langs de rivier de Drau. Hij ontstaat als een soort beek in de omgeving van Innichen en loopt via Sillian, Lienz en weet ik nog veel meer plaatsen(tjes), om uiteindelijk na 749 km als een beste rivier in de Donau uit te monden.
Ik startte in Innichen omdat het vandaar stroom afwaarts was, loopt makkelijker dan stroom opwaarts.

Ik genoot van mijn wandeling. Ik alleen in die prachtige natuur. Ik ben niemand tegen gekomen. Maar af en toe kwam ik toch langs wat woningen, boerderijen en zo.
Misschien was ik omdat ik daar in mijn eentje de (onzichtbare) grens aan het oversteken was, toch voor enkele van de bewoners verdacht. Denk ik.

Toen ik halverwege Innichen – Sillian was, hoorde ik opeens een auto achter mij naderen. Ik stopte en zag een Italiaanse politie auto van de Carabirini. Er stapten twee politie mannen uit. Ik dacht even dat ik terug in de tijd van Nazi Duitsland was.
Dit vanwege hun uniformen die mij daar sterk aan deden denken.

Zij deden mij aan ndere tijden denken.


Zij stapten uit en bevolen mij nors om achter in hun VW polo’tje plaats te nemen.
Ik begreep dat ik was gearresteerd.

Mijn vervoer naar de nor.

De achterbank van de polo was met het voorste gedeelte gescheiden door een soort stalen kooi. Ik voelde mij niet echt op mijn gemak. Zonder iets te zeggen reden zij de vijf kilometer die ik had afgelegd terug naar Innichen. Daar hadden zij een soort van bureau, waar ik direct in een kamer werd opgesloten en alleen werd gelaten.
Ik was lichtelijk verward en de woede kwam langzaam in mij op zetten. Ik besefte in mijn machteloosheid echter ook dat ik mij diam (Indonesich voor rustig) moest houden. Ik heb veel Yoga gedaan, dat kwam van pas, ik kon me ontspannen.

Af en toe kwam een van de agenten die mij gepakt hadden mij fotograferen. Van alle kanten, nog net niet in mijn blote kont. Daarna zat ik weer een tijd alleen.
Dit alles zonder iets te zeggen. Een keer nam hij een foto vlak voor mijn gezicht. Het kon niet anders dan dat ik daar erg vertekend, met een dikke neus, op stond.
Dat klopte, want ik hoorde ze even later gieren van het lachen. De aderen aan mijn slapen begonnen licht te kloppen.

Opeens kwam de andere agent binnen en bleek plotseling ook Duits te spreken. Ik zag dat hij zich een beetje geneerde voor alles. Ik vroeg vriendelijk aan hem waarom ik daar zat. Hij zei dat ik een soort van dubbelganger van een zeer gezochte misdadiger c.q. terrorist was.

Ik kreeg ook door dat zij zich klaar maakten om naar huis te gaan. Het was namelijk zaterdag. Ik vreesde licht dat ik daar tot na het weekend moest verpozen.

Na enkele uren gevangenschap werd mij echter,zonder enige excuses, de vrijheid aangeboden. Ik nam aan dat zij mij wel even met de auto naar Sillian zouden brengen.
Niets was echter minder waar. Zij wezen mij de bushalte.
Ik kookte maar ik bleef beleefd en wenste hun commandant een prettig weekend.
Ik denk achteraf dat ik hun mischien wel een lesje zelf beheersing heb geleerd.

Zo vriendelijk keken ze bij mij niet.

Instructie film over ski-techniek

Aan het einde van de vrij heftige sneeuwval van heden middag, waagde ik het rond vijf uur buiten een Hertog Jannetje te halen. Deze staan verborgen achter mijn boot. Dit om speculaties omtrent mijn verbruik door omwonenden te voorkomen.

Mijn tuin was bedekt met een prachtig dek van sneeuw, de open haard brande en Femke lag geheel relaxed in de mand. Dus, mede door het juiste uur, ook de juiste tijd voor een biertje voor het eten.

Voor de tijd van deze actie was al enige tijd de dooi in getreden. Dit had een verraderlijke gladde substantie van half ijs half sneeuw en water onder het sneeuwdek tot gevolg. Dit fenomeen was van boven af niet te zien en ik ondervond dat dan ook pas onverwachts bij de eerste stappen die ik buitengaats maakte.

Ik was op mijn favoriete geruite pantoffels, De eerder beschreven substantie zorgde er voor dat ik direct in mijn schoeisel liep te soppen, maar ook dat ik mij alleen schuifelend kon verplaatsen.
Elke beweging , met hoe weinig kracht ook uitgevoerd, had als gevolg dat mijn onderdanen zich in alle richtingen begaven behalve de goeie.
Als goed militair heb ik mijn missie toch naar alle ( eigen) tevredenheid voltooid.

Dit voorgaande deed mij weer denken aan een anekdote die ik vorig jaar rond deze tijd heb geplaatst.
Ik heb vorig jaar van diverse vrienden en volgers op FB goede en dankbare reacties gekregen, op mijn nu volgende korte instructie film.
Omdat er in het afgelopen jaar toch meer van hen op dit media zijn bij gekomen en misschien deze film niet kennen én van plan zijn op de lange latten te gaan staan, herhaal ik deze.

Ikzelf ga misschien ook nog glijden. Maar de afdalingshoek hou ik graag tot op niet meer dan dertig graden. Misschien, door het weer van vandaag zelfs twintig.

4 Banderas

Ik zag op Face Book dat KLTZ bd Rien Maas is overleden. Dat hij moge rusten in vrede.

Toen ik dat las gingen mijn gedachten terug in de tijd. Wij waren vanaf 16 februari 1979 voor 4 maanden met de Neptune 216 gedetacheerd op Curacao. Hij was vanaf 23 febrari eerste vlieger en vliegtuig commandant van onze bemanning. Niet verkeerd en hij ging graag op trip.

Op een dag kregen wij, bemanning Delta, de opdracht deel te nemen aan een
oefening met onder andere de Marine van Colombia. De oefening heette “4 BANDERAS”.
De andere twee waren dacht ik Amerika en Frankrijk.
Aldus geschiedde.
We werden geaccomodeerd in een hotel in Cartagena. Niet echt ongezellig.

Op de dag van aanvang der oefening heerste er grote consternatrie op het vliegveld.
Er was een schip met drugs c.q. wapen smokkelaars onderschept door een patrouille boot van de Columbiaanse Marine.
Onverwacht was het vuur door de bandieten geopend waarbij twee officieren werden gedood.

Het schip waar mee alles had plaats gevonden, was bekend. Alleen hadden zij het vermoeden dat het schip was over geverfd en dat zij zich schuil hielden in van de vele rivier mondingen.

Er werd op hoog niveau verzocht, en de toestemming kwam, om deze broeders in het kwaad mede met hulp van ons op te sporen.
We gingen airborne en vlogen langs de Colombiaanse kust tot een tiental kilometers landinwaards. Aan boord was ook een Columbiaanse officier. Hij nam plaats in de neus. Ik was bij hem.

Op een gegeven moment zei hij dat hij zijn hand tasje na de start bij de beam had laten liggen. Ik ging het halen en voelde dat er alleen maar een groot pistool in zat. Ik meldde het aan de commandant. Hij zei geef het hem maar. Zo was hij, je kon hem zijn “pies niet snel lauw maken”. Ik ging naar de neus met het wapen. Ik nam me wel voor om het tasje in de gaten te houden.

Ondanks de ernst er van, was het een prachtige vlucht over dit gebied van oerwoud. Tijdens deze vlucht zagen wij vele indiaanse nederzettingen en kleine uitgehakte vliegveldjes. We vlogen over die laatsten heen en zagen soms vliegtuigjes. Ook een maal zeker omringd door zwaar bewapende lieden. Zij bezaten zeker geen lucht buksen, integendeel. Zij waren net zo verrast als wij en richtten hun vuurwapens. Begrijp het goed, we zaten écht laag. We vlogen er voor de tweede keer niet meer over heen.
Tijdens deze patrouille kwamen we ook bij de grens van Columbia en Venezuela. Daar zagen wij een soort grote woestijn achtige droge vlakte met héél veel vliegtuig wrakken van smokkelaars. Er was zelfs een DC-6 bij.
Helaas hebben wij de bandieten niet kunnen spotten.

De volgende dag werden wij dringend verzocht om mee te werken aan een opsporing van een hoge medewerker van de regering die was gaan vissen op zee en sinds een paar dagen werd vermist.
We topten op en gingen er voor. De search party van hun luchtmacht bestond uit een Cessna. We zochten vele uren, zonder resultaat.
De volgende dag gingen we er weer voor. Opeens …..!!!
NEPTUNE NEPTUNE THIS IS CESSNA CONTACT PLEASE CONTACT PLEASE !!! Hij gaf zijn positie door. En zei dat hij het doel had gevonden. Hij moest terug vanwege brandstof. Wat een held die eenzame Cessna vlieger.

Vlak bij de door hem opgegeven positie vonden wij een klein bootje. De man aan boord had van een of ander zeil een soort grote vlag op getuigd.
Er was geen teken van leven. We gooiden twee sonoboeien om de positie te bepalen en terug gevonden kon worden.
Op een gegeven moment kregen contact met een oorlogsschip van de Colombianen. We vertelden hun dat we terug naar basis moesten om te tanken.
Een slimme Colombiaanse collega aan boord, vroeg wat de frequentie van de boeien was. Misschien konden zij die peilen of op een andere manier vinden.

Na het tanken wilden we er weer voor gaan we kregen echter een chip warning op een motor. We bleven aan de grond..
Het schip had echter gelukkig wel succes , wellicht mede door onze boeien, of on top. De medewerker leefde nog ondanks dat hij er slecht aan toe was. Hij heeft het gered die ouwe taaie. We hadden begrepen dat hij niet jong was.

Niet spectaculair. Nooit meer iets van gehoord. Wel een mensenleven gered door inzet en nadenken.

Vluchten vermeldin mijn logboek.

Ketut Alit

Zoals jullie lezen, heb ik elke dag contact met hem met whatsap. Dit door de huidige ontwikkelingen met de vulkaan Gunung Agung. Hij woont met vrouw en kinderen, meerdere familieleden op ongeveer 14 kilometer van deze berg. Alit heeft een speciale plek bij mij. Hij is als een soort jonge broer in een heel ver land. Waarom ga ik proberen uit te leggen.

Wij gingen. uitgezonderd dit jaar, sinds vele jaren elk voorjaar naar Bali. Wij logeerden dan in een mooi huis met alles er op en er aan. We huurden dit van een Nederlandse eigenares.
Zij heeft twee personeelsleden die zorgen voor het onderhoud en schoonhouden.
Hun namen Alit en Nenga. De taken tussen deze zijn verdeeld.
De al eerder genoemde Alit onderhield de tuin, deed de boodschappen en hielp Nenga waar nodig. Nenga hield het huis schoon en zorgde voor het eten. Alit is van het mannelijke, Nenga van het vrouwelijke geslacht.

Nenga en Alit en ik eten lekker Nasi Rames met vis. Met de handjes, ik ook. Dan smaakt het het lekkerst.

Buiten Alit zijn normale taken hadden wij ook dezelfde hobby, trekking. Hij wist de mooiste plekken in de omgeving te vinden. We maakten dan ook wandelingen die soms wel een beetje zwaar, maar overgetelijk waren.

`Alit als gids voorop door de sawah’s. Hij let tevens op de slangen.


Alit op karang


Er kwamen wat dolfijntjes langs


Een oude trekker staart over Straat Lombok naar pulau Kambing. Waarom dat zo heet wisten wij niet. Er is geen kambing (geit) te zien.


Ook zagen wij de geboorte van enkele schildjadjes. Klik op schildpadjes voor video.
schildpadjes

Nog even dit.
Als ik uit mijn slaapkamer keek zag ik ik het noorden de Gunung Agung. Ik heb er vele foto’s van gemaakt omdat ik heel veel ontzag had voor deze grote vulkaan. Dat dit niet onterecht was blijkt dit jaar

De vulkaan gezien tijdens een wandeling met de hond Lisa. Ons huis ligt achter de eerste heuvelrug.


Top van Gunung met mooie lichtval. Vond ik dreiging van uit gaan.


Zoals vaak veel buien rond de Agung. Deze regenboog kon ik nog net op tijd pakken.


Ik heb niet voor niets ontzag gehad. Foto niet door mij gemaakt.


Wat heet ontzag. Foto ook niet door mij gemaakt.

Uitbarsting Gunung Agung juli 2018. Was weer schrikken voor Alit en de anderen.

Keek ik naar het zuiden zag ik bLombok met de vulkaan Rinjani die nog 2000 meter hoger is dan de Agung maar gelukkig veel verder weg.

Rinjani

Munitie laden Hr. Ms. Utrecht

Een verhaal uit mijn vaarperiode tijdens een term van negen maanden
te Curaçao in 1973 op Hr.Ms. Utrecht.
Dit prachtige vaartuig had een voor mij indrukwekkende vuurkracht, mede
dank zij twee grote dubbelloops kanonnen met een kaliber van 12 cm.

Tijdens een oefening in de buurt van Puerto Rico, waren flink wat van
deze granaten op land doelen verschoten. De Amerikanen waren trouwens
onder de indruk van de nauwkeurigheid van onze vuurleiding.
Dit even ter zijde.

De verschoten munitie moest uiteraard aangevuld worden, dit om onze
slagkracht te behouden.
Deze aanvulling vond plaats aan de Rima steiger op de Marine Basis Parera.
De granaten werden aangevoerd met een truck, bestuurd door een
Antilliaanse chauffeur.
Door middel van een kraan werden zij aan boord gehesen en naar hun
bestemmingen (munitie kamers) gebracht.

Ik had toevallig even niets te doen en sloeg het tafereel vanaf de brug
vleugel gade.
De chauffeur had zijn cabine verlaten. Hij stond op korte afstand met
zijn rug naar de achterkant van zijn truck.
Nu was er daarop, naast de munitie, ook een CO2 brandblusser aanwezig.
Dit om een eventuele dreigend begin van een explosie te lijf te kunnen gaan.
Nu werd deze blusser per ongeluk omver gestoten door het hijs mechanisme.
Hij begon spontaan te sissen en rond te tollen achter op de truck.
Dit had grote gevolgen.

Velen die niet mee hadden staan kijken maar wisten wat er gaande was
stonden toch stijf van schrik. Zo niet onze chauffeur. Bij aanvang van
het lawaai stopte hij beide wijsvingers tot aan het tweede kootje in zijn
oren. Dit om de te verwachten druk op zijn trommel vliezen te voorkomen.
Tevens probeerde hij zich met gezwinde spoed van de plek des onheils te
verwijderen door middel van een snelle run. Dat zat even tegen.
Wanneer je veel kracht zet voor z’n run met twee vingers in je oren, neemt
je lichaam een verkeerde houding aan. Je gaat, doordat je armen naar boven
en iets naar achteren gaan, licht achterover hellen. Dit compenseer je
automatisch door je dijen iets hoger op te tillen.

Dit gebeurde, zonder dat hij het wist, ook bij de chauffeur. Hij ging er
vandoor in dezelfde houding als Bonfire, het paard van Anky van Grunsven,
tijdens een van haar kuren. Zij het in een hoger tempo.
Het duurde waarschijnlijk langer dan hij had gewenst, voor hij tussen
twee loodsen verdween.
Zonder dat hij het wist had hij, ondanks de schrik van sommigen, voor
groot vermaak gezorgd.

Indrukwekkend 12 cm geschut

Munitie kamer

Hr.Ms. Utrecht

Anky met Bonfire

Polonaise !!

Het was 1962. Ik was net uit Curaçao na een term, waar Paul Müller en Jan van Rooij mij hadden over gehaald om over te stappen naar de MLD.
Ik zat in de VOB (Vliegtuig Onderzeeboot Bestrijder) opleiding op de Grondschool met diverse mede studenten. Een van hen was Dirk Verboom. Hij was in dienst gekomen als schrijver, toen vliegtuigmaker en weer later telegrafist geworden.
Dirk was dus al iets ouder. Hij had verkering met een Marva. Op een dag nam hij het kloeke besluit om te trouwen. Dat ging gebeuren in Bergen op Zoom.

Een vliegtuigtelegrafist, Rob Otjes en ik waren door hem uitgenodigd om het feest bij te wonen. Rob Otjes was een broer van een komiek genaamd Hans Otjes die samen, met ik dacht, André van Duijn later op de TV op trad. Rob had dezelfde humor, is vroeg de dienst uit gegaan en in dezelfde business terecht gekomen.

Terug naar de bruiloft. Rob en ik moesten zelf ons onderkomen voor de nacht betalen. Omdat wij tamelijk armlastig waren werd dit een soort gedegenereerd pension met de uitstraling van een dierenasiel. Wij inspecteerden de kamer waar een oud koperen ledikant stond met een gehaakt sprei. We gingen er even op zitten en stortten bijna direct achter over. Onder het, dunne, matras was een marien kolder achtig spiraal aanwezig met de veerkracht van een onderbroek zonder elastiek. Maar ja geen gezeur we hadden een feest voor de boeg.

Dat vond plaats in een typisch Brabantse uitbating. Een café met daar achter een zaal voor festiviteiten. We waren een van de eersten en keken rond. Er waren diverse lange tafels met stoelen er omheen. Het bevreemde ons dat er op elke tafel een aantal geopende flesjes bier stonden die ondertussen niet echt koud meer waren. We namen er een.
Het gebruikelijke ceremonieel begon uiteindelijk met onder andere het voorlezen van gedichten en zingen van eigen teksten op bestaande muziek.

Hierna begon al snel de polonaise. We kregen door dat de lege flesjes niet werden aangevuld.
Wij kregen echter ook door dat het café via twee aanwezige deuren te bereiken en te verlaten was. Wij mengden ons, in uniform trouwens, tussen de zingende polonaise gangers. Af en toe, wanneer wij voorbij een van de bewuste deuren kwamen verlieten wij stiekem de rij en gingen het café in. De tap baas zag ons wel zitten en zat al gauw ook in het complot. We namen dan snel een biertje en mengden ons via de andere deur weer onder de feestgangers.
Daar er frequent de polonaise werd opgestart kwamen wij aardig aan onze trekken. Toen het tempo een beetje afnam hebben wij zelf ook af en toe het initiatief tot deze primitieve dans genomen. Maar aan alles komt een eind.
Zo ook aan dit feest. We hoefden niets te betalen, dus ik ben “bang” dat om onze diverse uitstapjes op Dirk zijn conto zijn gekomen.

We begaven ons, toch voldaan, te bedde. Nu stond het verschil in gewicht tussen Rob en mij ongeveer 1 op 2. Ik was nog super slank van Curaçao, maar Rob was hét voorbeeld van een maritiem peervormig figuur en dan XL. Hij veroorzaakte vanwege het slappe spiraal een duinvallei in onze stee van enkele decimeters diep. Toen ik in slaap viel rolde ik dan ook tegen hem aan. Hij duwde mij nors weg, maar soms werd ik weer door de slaap overmand en het gebeuren herhaalde zich.
Op een gegeven moment werd hij echt kwaad en betichtte mij van een geaardheid die ik zeker niet bezat. Ik heb de rest van de nacht half wakend doorgebracht op de uiterste zijkant van het bed. Toen ik op stond, bewoog ik mij als een wandelende tak die net bespoten was met insecticide.
We keerden weer terug naar Valkenburg. Er werd niet meer over het laatste gesproken.
Wel over de “”POLONAISE!!!!!””

Aan het kapsel en de kleding van de dames te zien vermoedelijk de zelfde tijd.

Zeeslag bij Vlakke Hoek (NNG)

VLAKKE HOEK

Het is niet moeilijk om te weten te komen wat zich tijdens de zeeslag bij Vlakke Hoek in Nederlands Nieuw Guinea heeft afgespeeld.
Er zijn vele verhalen, zelfs tot recent, die de loop van de gebeurtenissen beschrijven.
Wat ik mij echter altijd afvroeg, wie waren nou die mannen welke in die Neptune zaten. Ik kreeg pas contact met Peter Varenhorst die hier over een verhaal heeft gepubliceerd.
Hij stuurde het mij. Het boeide mij enorm. Hij verzekerde mij dat het openbaar was en ik er mee mocht doen wat ik wilde. Ik wil het graag delen met anderen. Het verhaal spreekt voor zich.

Pen en inkt correcties:
BLZ 8 van 11 regel 4 – 175 ipv 140. regel 8 – Henk ipv Willem Peter Varenhorst tekst 1962 (8)

Peter Varenhorst tekst 1962 aanklikken voor weergave gehele verhaal.

De MTB Matjan Tutul

 

 

IKAN PAUS HIU (WALVISHAAI)

IKAN HIU PAUS (INDONESISCH VOOR WALVISHAAI)

Zoals elke avond tijdens mijn verblijf in Indonesië , had ik een omong (praatje) met onze nachtwaker Nyoman Parma. Op een gegeven moment kregen we het over de walvishaai. Mijn gedachten gingen ver terug in de tijd.

Het was ongeveer 35 jaar geleden dat Dries Soeteman en ik besloten een vakantie, met onze echtgenotes, in Schotland door te brengen. Aldus geschiedde. We parkeerden de kinderen bij oma en de kinderboerderij en gingen op weg. Niet naar het onbekende, maar het vooruitzicht om enkele weken links te rijden was toch een beetje anders. Ik zou in principe rijden.
We namen North Sea Ferries van Hoek van Holland naar Hull. Een aangename reis. Daar aan gekomen viel het links rijden erg mee. Ik reed gewoon achter de anderen aan.
Van Hull reden wij naar York. Een prachtig stadje waar een heerlijk sfeertje heerste.

De volgende dag vertrokken wij van York over een B-weg richting Edinburgh. Een mooi weggetje met weinig verkeer, althans… Er kwam van de andere kant een zeer fraaie antieke auto aan. We stopten en keken er bewonderend naar. Niet snel daar na nog een en nog een en … Sommigen van de bemanningen hadden ook antieke kleding aan zoals geruite petten en lange  shawls. Velen van hen gedroegen zich zeer feodaal en reden je bijna van de weg af.
We stopten bij een soort boerderij waarvan de bewoners ook stonden te kijken. Verder rijden was gevaarlijk. Zij vertelden ons dat het een soort rally was met deelnemers vanuit de gehele wereld. Zij lieten ons een lijst zien waar uit bleek dat er meer dan 300 deelnemers waren. We begonnen de voertuigen steeds meer met andere ogen te bezien.

Uiteindelijk kwamen we toch in Edinburgh. Een stad die ik eerder via de Marine had leren kennen als een van de ongekende mogelijkheden van uitgaan. Voor wat dat betrof heb ik me toen een beetje op de vlakte gehouden.
Vandaar maakten wij een prachtige reis door het noorden van Schotland, met de nadruk op het westelijke deel, met onder andere Oban. We gingen noord tot Scapa Flow. Daar draaiden we om, terug naar het zuiden en besloten op de terugreis het ons bekende Cambletown aan te doen.

We genoten en bleven daar een tweetal dagen. Op de weg naar huis deden we vanuit Cambletown een prachtig stadje aan, gelegen aan het grote Loch daar. Zoals jullie weten staat dit Loch daar in verbinding met de open zee. Ik meen me zelfs te herinneren dat de Engelse atoom onderzeeboten daar door heen kwamen op weg van- en naar hun thuishaven.
Dries en ik wisten dat er daar veel makreel zat. De hengels hadden we niet voor niets meegenomen. We parkeerden de dames op een terrasje in het schitterende haventje, huurden een zodiac en voeren uit. Een paar honderd meter uit de kant lieten wij ons drijven en gingen aan de slag met kleine verzwaarde spinnertjes.

De vangst overtrof onze verwachtingen. We zwengelden de ene naar de andere grote makreel binnen. Die zouden we later met de door ons meegebrachte gas komfoortje en koeken pannetje smakelijk bakken en verorberen.
Op een gegeven moment werd onze aandacht getrokken door een redelijk groot beest met een grote snor. Een soort Ted de Braak in dompel pak. Hij verbleef daarna steeds in de nabijheid van onze boot. De makrelen lieten zich, misschien daardoor,  echter wat minder zien. We dachten dat het een zeehond, misschien ook een zeeleeuw was.

Nog iets later werd onze aandacht door iets héél anders getrokken. We keken nog eens goed, het bleek een enorme rugvin te zijn. Het kon geen haai zijn daarvoor was hij veel te groot. Ik besloot om te gaan kijken. Dries sputterde nog even tegen, volgens mij vond hij het eerst nog een beetje eng.
Ik naderde de vin langzaam van achteren. Toen we dichterbij kwamen zagen wij dat er ook een enorm groot beest aan vast zat. Ik bleef op een dwars afstand van enkele meters en ging in formatie varen. We konden hem goed bekijken en zagen dat het een hele grote walvishaai was. Hij had ons natuurlijk ook gehoord en ging na enige tijd langzaam naar beneden. Hij had denken we, een beetje gas gegeven, want even later kwam hij een aardig stukje verder weer met zijn vin boven. Ik wilde hem weer in halen, maar dat vond hij kennelijk te ver gaan. Hij dook en kwam niet meer boven. Hij was op weg naar de grote scholen plankton. Of misschien wel naar een heel andere plek op de aarde om vrienden of vriendinnen te ontmoeten.

Vol van dit alles leverden wij na afloop de boot in. De eigenaar reageerde op ons verhaal dat het niet helemaal zonder gevaar was geweest. Want door hun slechte zicht kunnen zij van iets wat plotseling dichtbij komt schrikken en een crash dive maken. Waarbij hun grote staart met een harde dreun op het water kan komen, dus ook op je bootje.

Nu ik dit zo schrijf, weet ik weer zeker wat ik lang weet. Een hogere macht, wat of wie het ook mag zijn, heeft onder andere mij uitgekozen om je al dat mooie te laten zien. Je moet natuurlijk zelf ook wel een beetje opletten.

N.B. Enkele jaren terug zag ik een programma over een expeditie die in het zelfde gebied onderzoek naar de walvishaai heeft gedaan gedurende 8 maanden. Zij hebben er niet een gezien. Hadden ze maar les moeten nemen bij de Marine Luchtvaart Dienst.

Wat een mooi zoogdier. een voorrecht om dit te hebben mogen meemaken.

Dries en ik

DRIES DE SLUIPSCHUTTER

Dries Soeteman, vriend en voormalig collega en ik waren vroeger een paar natuuronderzoekers met grote inzet. Ik keek veel rond, maar Dries begon al jaren daar voor dit alles op de gevoelige plaat vast te leggen.
Laatst liep ik met mijn jongste kleinkinderen in het Amsterdams Waterwingebied, om hun de paddenstoelen, reeën en herten in hun leefgebied te leren aanschouwen.
Toevallig kwamen wij voorbij een spot die ik direct herkende als een van hen die Dries en ik daar ooit ontdekten.
Toentertijd zagen wij daar ter plekke een volmaakt “Eekhoorntjes Brood”. Dries pakte
direct zijn toverdoos en begon deze mooie paddenstoel vanuit alle hoeken te fotograferen.
Om het doel “en profiel” vast te leggen ging hij geheel plat op zijn buik in het gras liggen.
Op dat moment passeerden een paar wandelaars die het tafereel belangstellend aanschouwden.
Ik legde hen uit: “Hij besluipt hem, omdat hij bang is dat hij weg loopt”.
Zij knikten met begrip, maar ik zag ze toch spiedend rond kijken of ze onze begeleiders ergens konden ontdekken

 

Sniper Dries, ik kijk op de achtergrond

Recht in het hart

GEKRAAGDE ROODSTAART(JES)

Dries en ik logeerden met onze echtgenotes in Zuid Limburg, om precies te zijn in Eijs, een minuscuul plaatsje gelegen niet al te ver van Valkenburg.
We gingen daar vaker logeren bij een nicht van Jo van Loo, hij was een collega van ons. Zij had een café met een zaal voor feesten en partijen en een kegelbaan. Ook waren er enkele knusse kamertjes.
Om niet de gehele dag in alcoholische verlokkingen door te brengen gingen Dries en ik vaak op pad in de natuur. Hij was natuurlijk weer, als altijd bewapend met een camera.
Deze keer in het Gerendal. Dit is een gebied waar vele planten soorten voor komen die je ergens anders met een vergrootglas moet zoeken.
We waren al een eindje onder weg, toen we ons op een mooi weggetje bevonden met aan beide zijden ook weer mooie boompjes en struiken. We hadden het naar ons zin en we praatten gezellig met elkaar.
Toen we op een gegeven moment een bocht om kwamen, stond daar opeens een man. Hij bracht zijn vingers naar zijn lippen en maande ons om stil te zijn. Sssssstt!!
Wij bleven staan en hij fluisterde: “Ik hoor de Gekraagde Roodstaart, met jongen”. Wij
spitsten onze oren, maar wij hoorden niets.
Plotseling luid: “Béééééééé !!!!!!!!”. Vlak bij ons, achter de bosjes, stond een schaap dat die drie stille mannen waarschijnlijk maar eng vond. We hadden haar niet gezien, maar zij ons denk ik wel.
Dries zei ad rem: “Volgens mij hoor ik een schaap!”. De man voelde zich duidelijk in een bepaald lichaamsdeel getast. Hij beet ons nors toe: “Jullie zullen met die ongetrainde oren nooit geen mooie dingen kunnen horen”.
Wij dachten het onze over hem en vervolgden onze weg. Ik dacht ook nog, jij zal met je goed getrainde oortjes nooit het prachtige geluid van een partner zoekende walvis op een sonar boei horen, terwijl je tussen het noorderlicht vliegt.
Dries en ik vervolgden onze weg en begonnen weer te converseren. Het viel ons op dat in de bosjes naast ons veel vogeltjes fladderden. We keken nog eens goed. Het waren grijze vogeltjes met rode staartjes en een blauw befje.

Gekraagde Roodstaart

Schaap