Toon van Dun Vlieger MLD Deel 5

Ik begin bij het einde van het vorige verhaal over Toon van Dun. Hij vliegt een ongelofelijk aantal vluchten op de C-47 van de Marine Luchtvaart Dienst. Ik heb zijn logboeken gechecked en de aard van deze vluchten zoveel mogelijk op een rijtje gezet.
Het grootste aantal waren ferry’s tussen plaatsen in Indonesië. Daarbuiten waren ook vele opdrachten zoals droppings van parachutisten en andere benodigheden. Ik las ook bloed plasma, daar kun je je iets bij bedenken. Tevens werden verkenningen uitgevoerd.

Een logboek is eigenlijk alleen maar een document waar de feiten worden opgeschreven. Voor de alle gebeurtenissen die soms plaats vonden was geen plaats op de regel “DUTY Including Results and remarks”. Deze was maar 8 cm lang.

Wat ik onder andere uit zijn logboeken haal, is het juiste aantal vluchten op de Dakota. Dat waren er dus veel. Tussen augustus 1946 en december 1949 meer dan 750. Het speelde zich af tijdens de politionele acties, dus relaxed “huisje, boompje , beestje” vliegen zal het niet zijn geweest. Zij zijn vele malen be- en tweemaal aangeschoten.

Hij heeft trouwens tijdens deze periode met zijn gezin in Surabaya gewoond. Eerst met moeders en zoon René, later heeft zich daar zijn zoon Ton, door middel van zijn geboorte aan toegevoegd. Dit even terzijde.

Jammer genoeg heeft deze laatste, waar ik contact mee heb, heel weinig foto’s over deze periode. Ik plaats er toch enkelen. Ik kom niet helemaal uit de commando structuur van de militaire luchtvaart in de oost uit die tijd. Ik begrijp wel dat Militaire Luchtvaart KNIL (ML-KNIL) en de MLD daar uitvoering aan gaven. Maar wie de baas was kom ik niet uit.
Er is vast wel iemand onder jullie die dat wel weet. Ik trek wel de conclusie dat het meeste gebeurde onder commando van O.V.T.S. (Oostelijk, Verkenning-en Transport Squadron) voor zowel KNIL als MLD. Als ik het mis heb hoor ik het graag.

De laatste maanden van zijn verblijf in de Oost neemt Toon ook plaats achter het stuurwiel van de Catalina afgewisseld met dat van de Dakota.
Hij begint een tweede logboek. In dit logboek begin ik namen tegen te komen van mannen die ik in het begin als jonge telegrafist tegenkwam bij de MLD op Valkenburg.

Voor de oudjes onder ons o.a : Hoebink, Bijl, v.d. Meulen, Olthof, Kommer, Muntenaar, Bernet, Runderkamp, Voogt, Meijer, Abbink, Oranje en anderen.
In mijn ogen waren zij oud, maar vliegers kruizen en andere hoge onderscheidingen hadden zij wel. In het begin had ik geen idee wat ze inhielden, maar later maakten deze echt wel indruk.

Foto 1: Dropping van containers met inhoud.
Foto 2: Toon himself in de cockpit van een C-47 Dakota. Aan de
kleding van de man links te zien denk ik dat het tijdens
de preflight was.

Toon himsef

Dropping Djatiman

Catalina Ton (Amfibie, er waren ook Vliegboten Cats).

De P2V5 Neptune 19-30 en SP2H 213 in volle glorie.

Een vliegtuig waar ik veel op heb gevlogen is de P2V7B, later SP2H. Een beauty van een vliegtuig en heerlijk om in te vliegen. Voor dit type was er bij de MLD zijn voorganger de P2V5. Ik heb ze wel eens een keer zien over komen maar toen was ik nog jong en wist van het bestaan van de MLD nog niet af. Ik zeg met opzet “zien over komen”. Als ik had geschreven “zien vliegen” had ik wel commentaar van de mannen gekregen.

SP2H

P2V5

Jet explosie van de Neptune 211 op Woensdrecht

ER WAREN EENS ……

Een prachtig vliegtuig de Neptune 211 en twee zeer goede vliegers bijgestaan door twee zeer goede mecano’s (BWTK). Het laatste was natuurlijk geen uitzondering. Dit kwam tot uiting op een dag die sommige ooggetuigen misschien nog op hun netvlies hebben staan.

Elke Neptune onderging na een bepaalde tijd groot onderhoud bij Aviolanda op vliegveld Woensdrecht (Progressive Aircraft Reword) afgekort PAR. Op het squadron werd het soms gekscherend “Paint And Return” genoemd. Na zo’n grote beurt werd het toestel aldaar proef gevlogen. Als alles goed was, kwam het terug naar Valkenburg. Vaak prop vol met champions die bij een nabij gelegen kwekerij werden ingeslagen. Velen van ons op het Vliegkamp plaatsten van te voren een bestelling. Dit laatste van die paddenstoeltjes is even terzijde.

Deze keer, op 18 mei 1977, werd de proefvlucht uitgevoerd door twee goede vrienden van me, Joop de Vos en Willem Muizer. Beiden helaas te vroeg overleden. Als mecano’s heb ik de namen Han Vermeulen en Jan de Zoete door gekregen. Ook zij zijn helaas niet meer onder ons. Ik heb begrepen dat Han tijdens de start op de bok zat.

Er werd proef gedraaid en na alle nodige checks werd met de start begonnen. Tijdens deze take-off ging er toch iets goed fout.

Met een waarschijlijk grote klap explodeerde stuurboord jet. Deze vloog uit elkaar en bleef in brokken gedeeltelijk onder de vleugel hangen. Een groot aantal onderdelen van dit voortstuwingsmiddel vlogen tegen de zuigermotor, de vleugel en/of vielen naar beneden op de baan.

Ik heb begrepen dat de samenwerking van de bemanning tijdens deze happening uitmuntend was, moet wel.
De mannen met de stalen zenuwen in de cockpit namen de nodige maatregelen en besloten uiteraard direct weer te landen. De brokstukken op de baan maakten het landen daar op riskant. Zij besloten daarom dit op de taxi baan te doen, hetgeen ook gebeurde en zonder verdere schade werd volbracht. Cool.

Ik ga er van uit dat bijgaande foto is gemaakt na de landing van toen. Het gebeurde namelijk ook wel eens dat een jet niet wilde opstarten. Dan ging de mecano naar buiten opende de scharnierende zij plaat en sloeg met de achterkant van een schroevendraaier (of speciale plastic hamer) op een zogenaamde throttle actuator die nog al eens bleef hangen. Ik denk niet dat dit hier het geval was. Haha

Het korte leven van de P2V7B Neptune 200

Ik vond enkele foto’s van de (toen nog) Lockheed P2V7B “Neptune”. Zij waren bestemd om ingezet te worden in Nederlands Nieuw Guines (NNG) in het conflict met Indonesië over de toekomst van dit voor velen onder ons bekende land van de Papoeas.
Over dit conflict is al veel geschreven, dus daar begin ik maar niet aan.
Dit korte verhaal gaat over een speciale Neptune, met het eerste nummer 200 van het totaal aantal van 15 kisten.
De Neptunes kwamen uit Burbank USA en werden na aflevering over gevlogen naar Biak NNG. Daar werden zij geplaatst bij Vliegtuig Squadron 321.
Zoals ik al zei, er is al veel geschreven over de zeer goede resultaten van deze vliegtuigen. Ik heb er later lang op gevlogen, toen werd het SP2H genoemd. Goud. Maar ik kom terug op de 200 vergezeld met foto’s voorzien van een kleine tekst.

Foto 1: De 200 vertrekt in 1961 vanuit Burbank richting NNG. De foto die ik bezit is licht beschadigd. Er loopt een scheur door het midden van de kist. Misschien een voorteken? (fotograaf onbekend)

Foto 2: Willem Verkaar bewondert het vliegtuig in NNG, checkt de prop en laat duidelijk de afmetingen van de kist tot uiting komen. (fotograaf C+14, Cor Zwartewaalsloot)

Willem Verkaar bij kist

Foto 3: Tijdens de start ontstaat brand in stuurboord jet en een explosie volgt. Brokstukken beschadigen diverse hydraulische leidingen waardoor gecontroleerd remmen en besturen niet mogelijk is. De kist fietst uit de baan en komt tot stilstand op een “Slokan”, een soort brede droge sloot.
Hij gaat niet in brand, de bemanning blijft ongedeerd, maar het vliegtuig is dermate beschadigd en verbogen dat het afgeschreven wordt. (fotograaf onbekend)

Toon van Dun Vlieger MLD deel 4

De plaatsingen van SGT van Dun in mijn laatste verhaal komen u ongetwijfeld een beetje chaotisch over. Dat bevreemd mij niet, want ik moest er zelf ook een paar keer in duiken om het op een rijtje te krijgen. Dit alles heeft te maken met de vele gebeurtenissen en veranderingen in die tijd.
Zowel de oorlog in Europa en later die in de oost werden beeïndigd en de doelstellingen van de diverse vlieg opleidingen en alles wat daar mee temaken had, veranderden mee.
Ik begin toch weer even na het eind van de laatste plaatsing van hem op de mosquito bij No. 13 O.T.U. Middleton st. George.

Hij wordt in november 1945 geplaatst op Squadron 320 dat vliegt met de Mosquito. Dit is van korte duur, want op 1 mei 1946 wordt het squadron op vliegveld Twente uit dienst gesteld. Dit is aangetekend in zijn logboek en ondertekend door officier vlieger der eerste klasse den Hollander. Dit is de eerste naam van iemand die ik persoonlijk in levende lijve heb gezien. Hij was toen VOMLD. (Foto 2)
Tijdens deze korte periode komt toch een collega van Toon om het leven met een Mosquito. (Foto 1)

Toon bij 320 op Mosquito

320 uit dienst op Twente

Toon gaat in zijn logboek op de plaats rust tot 25 juli 1946, dan vliegt met de DC-4 Skymaster 307 naar de Oost. Hij wordt geplaatst op vliegveld Morokrembangan te Surabaya (toen Soerabaia) en gaat vliegen op de C-47 Dakoto bij Unit MLD Sqn. (Foto 3)

Als welkoms verrassing worden zij tijdens zijn eerste vlucht bij het strooien van pampletten vanaf de grond aangeschoten. Het begin van een roerige periode. (Foto 3)

Wordt vervolgd,

Toon van Dun vlieger MLD deel 3

Na het met goed gevolg afsluiten van de opleiding op de Cornell, zet Toon zijn vorming op 21 maart 1944 tot goed vlieger voort op de “Oxford” bij No. 32 S.F.T.S. (Service Flying Trainig School), Moose Jaw , Saskatchewan, Canada.

Hij gaat, zoals gezegd, vliegen op de “Oxford”. Een twee motorig vliegtuig (monoplane) ontworpen voor de opleiding van diverse taken, zoals navigatie, gebruik radio, bombarderen en het gebruik van de mitrailleur. Uiteraard werd het vlieger schap hier niet vergeten. Het doet mij denken aan mijn eigen tijd op de Beechcraft TC-45-J. Wij deden hetzelfde, alleen beperkt tot de eerste twee.

Toon bij Oxford

Toon bij Oxford

Wederom, waarschijnlijk tot zijn genoegen, volbrengt hij ook deze opleiding naar ieders tevredenheid op 25 september 1944. Het geheel wordt gevierd met een “Graduation Dinner” op 4 oktober 1944 voor de pupils of 103 course. Dit laatste even terzijde, maar ook zeker belangrijk.

Februari 1945 gaat hij met de Oxford vliegen bij No. 6 P. A.F.U. (Pilots Advanced Flying Unit) Little Rissington, Engeland. Ook dit brengt hij op 9 april tot een goed einde.

In mei 1945 gaat hij naar een cursus op de “Mitchell” bij No. 13 O.T.U (Oprational Traing Unit) Harwell Berks, welke na enkele dagen wordt afgebroken vanwege onze bevrijding. Zijn opleiding wordt vervolgd op een van mijn favorieten, de “Mosquito”. IJzeren mannen in houten vliegtuigen. Dit alles bij 13 O.T.U Fin Mere and Middleton. st. George. Daar gaat ook alles naar wens.

Mosquito

November 1946 wordt hij, vliegend op de Mosquito, geplaatst op het mij en vele andere bekende Squadron 320. Dit ter voorbereiding op de strijd in het Verre Oosten tegen de Japanners. Dit duurt niet lang, op 1 mei 1946 wordt het Squadron 320 op vliegveld Twente uit dienst gesteld. Ook de Jappen hebben het opgegeven.

Toon gaat vliegen op de C-47 Dakota in Nederlands Indië . Hij wordt gestationeerd op Morokrebangan bij Surabaya. Het wordt, voor hem misschien onverwachts, een spannende tijd. Al op 3 augustus 1946 worden zij tijdens het droppen van pamfletten aangeschoten. Dit vanaf de grond natuurlijk….
Op de laatste episode kom ik terug in mijn volgende verhaal

Wordt vervolgd.

Toon van Dun vlieger MLD deel 2

Na het succesvol volbrengen van de eerste kennismakingen met de verschillende gevolgen van de zwaartekracht door diverse oefeningen met de DH-82 “Tiger Moth”, gaat Toon op dezelfde weg verder.
Nu echter op 1 november 1943 bij E.F.T.S. De Winton, een vliegveld gelegen bij een klein gehucht met die naam gelegen in de nabijheid van Calgary in Canada. Hij gaat zich concentreren, dat kun je wel aan hem overlaten, op een ander type vliegtuig, de “Cornell”.
Hij volbrengt, tot 21 decemer 1943, althans voor mij als niet vlieger de meest ongelooflijke vliegtechnische oefeningen met deze kist Hij slaagt dan ook met HIGH GRADE. Dit alles lees ik namelijk in zijn logboek.


Cornell op De Winton

Toon met Instructeur, links

Toon met instructeur in vliegpak, koud he? Rechts

Toon van Dun vlieger MLD deel 1

Op 17 augustus 1943 begint volgens zijn eerste logboek de vliegopleiding van Toon van Dun op 7 E.F.T.S. Braunstone Desford in Engeland.
Ik was nieuwsgierig hoe hij daar terecht was gekomen. Via zijn zoon Ton kwam ik diverse dingen te weten.

Toon is op 13 november 1942 als stoker olieman geplaatst op Hare Majesteit “Isaac Sweers” welk schip is ontkomen aan de Duitsers.
De “Sweers” neemt deel aan de operatie Torch in de Middelandse Zee. Om 06.15 wordt zij nabij Algiers getroffen door twee torpedo’s afgevuurd door de Duitse onderzeeboot U-431. Een treft een volle olietank en de andere slaat in onder de brug en de officiers verblijven waardoor alle officieren, behalve de commandant en een andere, omkomen.
Er onstaat een grote brand op het water oppervlak. Naast de explosies zelf zorgt deze er voor dat helaas 103 van de 194 bemanningsleden omkomen. De overlevenden, waaronder Toon, worden opgepikt door de bewapende trawler “Loch Oskaig”. Hierna is hij via via in Engeland terecht gekomen.
Daar wordt op eigen verzoek of anders, dat weet ik niet, aangewezen voor de boven genoemde vliegopleiding. Hier begint mijn speuren naar gebeurtenissen in zijn eerste logboek.
Hij begint op de tevens boven genoemde datum 17 augustus 1943. Zijn eerste 17 vluchten doet hij op de DH-82, beter bekend als de “Tiger Moth”. Op 1 september is hij Solo. Er zullen nog vele types volgen.

Wordt vervolgd.


Isaac Sweers

Tiger Moth (voorbeeld)

Locatie No. 7 E.F.T.S (Elementry Flying Training School) Braunstone Desford.

Grumman Tracker 154 op finals runway 06

Een fraaie foto van de Grumman Tracker 154 op finals runway 06. Aan beide zijden van de baan lag een ketting zoals hier zichtbaar is. Deze konden door een landingskabel zoals op de Karel Doorman met elkaar verbonden worden. Het werd de “barrier” genoemd. Kisten voorzien van een dek haak die door wat van oorzaak dan ook niet op de normale manier zoals remmen en reverse tot stilstand konden komen. gebruikten dan hun dek haak en barrier om voor het einde van de baan tot stilstand te komen.

De Stoef 154 op finals baan 06. Een normale landing trouwens.

Vrije start Karel Doorman

Ik schreef ooit over mijn eerste start van de Doorman. Ik zag deze foto nog nooit, maar gebruik hem in dit (korte) verhaal. Het dringen van de kisten vind ik heel apart. Ook geeft hij de snelheid die onze oude dame ontwikkelde
goed weer. Ik moet wel zeggen dat alles aan boord een beetje door elkaar werd geschud.
De ouwe jongens telegrafisten hadden het voorrecht om een dag na dat het schip uit Nieuwendiep vertrokken was, op te vliegen, ongeveer ter hoogte van het van het Vliegkamp. Ik als als nieuweling moest “oplopen” op de dag van vertrek.
Toen de mannen de volgende dag kwamen landen, ging ik kijken op een eigenlijk verboden plek.
Zoals eerder geschreven zag ik toen de 161 doorstarten aan de kabel.
Het gevolg en de grote schrik van mijn persoontje heb ik ook al eerder beschreven. Heftig trouwens.
Ik deed de nacht voor de volgende dag bijna geen oog dicht. Ik ging er voor het eerst af. Joop de Vos (+) was de eerste vlieger.
Tijdens de briefing hoorde ik dat we een vrije start gingen maken. De afmetingen van de baan die ik de dag er voor visueel had opgenomen, maakte mijn eerste start er een met gemengde gevoelens.
Ik meen me te herinneren dat wij er als eerste af gingen. Bij het vol gas geven voor die start keek ik tussen de vliegers door en zag alleen maar water.
Voor dat ik het wist waren we los. Zucht.

Hoge vaart van de oude dame. Dringen op het achterschip voor de vrije start.